Verslag werkbezoek 2019

Van 7 tot en met 12 april 2019 heeft het bestuur van Computers for Africazijn jaarlijkse werkbezoek afgelegd in de West Kaap in Zuid-Afrika, het gebied waaraan we computers doneren die in Nederland hun levenseinde hebben bereikt. Ons werkbezoek stond dit keer in het teken van de vraag op welke wijze wij de initiatieven die in de regio Plettenberg Bay/Knysna lopen het best kunnen ondersteunen. In dit verslag een impressie van onze ervaringen, hetgeen we hebben geleerd en tot welke conclusies dit aanleiding geeft. 

Bezoek aan de regio Knysna

Vorig jaar hebben we op initiatief van Suzette de Villiers (districtshoofd education van de Westkaap Provincie) kennis gemaakt met de medewerkers van KILT (Knysna Initiative for Learning and Training). Zij gaven aan de ambitie te hebben om e-learning in deze regio op de lagere scholen te introduceren. Daartoe was een eerste stap om computerlabs op de aangesloten scholen in te richten. 

Computers for Africaheeft toegezegd voor de nodige apparatuur te willen zorgen. We hebben in maart 267 computers, 75 thin clients en 230 monitors verscheept die vervolgens door KILT op een projectmatige wijze is geïnstalleerd op de scholen. Ongeveer een maand voor ons vertrek naar Zuid-Afrika kregen we een voortgangsrapportage die door KILT was opgesteld. Daaruit kregen wij -in contradictie met eerdere berichtgeving- de indruk dat de door ons gedoneerde apparatuur niet volledig aansloot op de wensen aldaar. In het licht daarvan hebben wij een onafhankelijk assessment laten uitvoeren rond de implementatie door Trevor Nazer van ICT bedrijf PXYL in de Knysna regio. Dat assessment toonde aan dat de door ons gedoneerde apparatuur in principe goed werkt. Het probleem zat volgens dat bureau vooral in de servers die naar hun mening onvoldoende capaciteit hebben om een computer lab draaiend te krijgen/houden.

Tijdens ons werkbezoek hebben we zowel met het ICT-bedrijf dat het assessment heeft uitgevoerd, als met KILT gesproken. Tevens hebben we een aantal scholen bezocht. Ook hebben we gesproken met medewerkers van de ICT/e-learning afdeling van de WCED (Western Cape Education Department), het onderdeel dat verantwoordelijk is voor het onderwijs in de Westkaap. Deze gesprekken en de bezoeken aan de scholen hebben ons veel helderheid verschaft over de stand van zaken. Op hoofdlijnen hierover het volgende.

  • WCED rolt een project uit waarbij elke non-fee school 20 computers gedoneerd krijgen. Het werk dat door onze donatie in gang is gezet om in de scholen de IT-vaardigheden te vergroten (zowel bij staf, docenten als leerlingen), maakt het mogelijk om op de scholen snel daadwerkelijk gebruik te kunnen maken van deze computers. Met een server zijn de systemen ook relatief eenvoudig te installeren (thin clients gekoppeld aan een scherm). Duidelijk is ook geworden dat WCED voor een grote uitdaging staat, dit gegeven het beperkte budget en de beperkte stafcapaciteit die beschikbaar is en de basiswensen op de scholen.
  • Het onafhankelijk assessment maakt duidelijk dat de door ons gedoneerde apparatuur in principe goed werkt. Op sommige scholen is/wordt een systeem met het gebruik van thin clients uitgerold, op andere scholen zijn desktop computers verbonden met een server. Wat op diverse scholen ontbreekt is een server die krachtig genoeg is om met name een systeem met thin clients te ondersteunen. Tevens zijn enkele computerlokalen te klein om alle leerlingen te herbergen uit één klas (die tussen de 40 en 60 leerlingen groot zijn, terwijl er bijv. 30 computers in een lab passen). Op diverse scholen is er overigens inmiddels een goed werkend computer lab gerealiseerd. KILT is hard bezig om voor krachtigere servers te zorgen, zodat op alle scholen een werkend computerlab aanwezig is.  Op dat moment is in de opinie van KILT een zgn. startpositie bereikt, die scholen in staat stelt om een bestaand e-learning software pakket (CAMMY) voor rekenen en taal te gebruiken. Een pakket ook dat aansluit op het lesprogramma dat op de scholen wordt verzorgd.
  • In de gesprekken met KILT werd duidelijk dat hun ambitie veel verder reikt dan de inzet van CAMMY. De geschetste ambitie impliceert dat op de apparatuur software gedraaid moet kunnen worden waarbij grafisch werk de e-learning ondersteunt. Het streven is erop gericht om het leerrendement met de inzet van e-learning sterk te vergroten. 
  • Dit alles vraagt echter snelheden van de te gebruiken apparatuur die wij met aan ons gedoneerde tweedehands computers vanuit Nederland nu en in de toekomst onmogelijk kunnen leveren (noch in de vorm van thin clients, noch in desktop- of tabletvorm). Gevolg is dat de door ons gedoneerde apparatuur weliswaar de scholen thans in een startpositie brengt, maar dat ze onvoldoende de ambities van KILT faciliteert. De tijdspanne dat onze computers gebruikt zullen gaan worden, zal dus  relatief gering zijn. En hoewel de computers wellicht in een ander uit te rollen project wederom van nut zouden kunnen zijn en nu katalysator zijn om het vervolgproject van de grond te trekken, mag het duidelijk zijn dat we grote twijfels hebben of er uiteindelijk sprake is van een goede balans tussen de geleverde inspanningen en kosten versus het bereikte resultaat. Dit nog afgezien van de vraag welke implicaties e.e.a. heeft voor de omvang van de e-waste (waarvoor in Zuid-Afrika nog geen duurzame oplossing is gevonden).    
  • Vanuit een toekomstperspectief bezien betekent het vorenstaande dat het verschepen van computerapparatuur naar de Westkaap niet meer de ruggengraat van onze stichting kan blijven vormen. Waarschijnlijk is er nog behoefte aan een laatste scheepslading met computerschermen, toetsenborden en muizen. De gevraagde hoeveelheid van deze apparatuur is al aanwezig in de loods van StainAlloy in Schelluinen, het bedrijf dat ons al enkele jaren gratis van opslagruimte voorziet.
  • Vraag is wat onze toegevoegde waarde wel kan zijn, dit ook omdat we niet in de regio zelf aanwezig zijn en het moeilijk is om te beoordelen voor welke projectdoelen een financiële injectie kan werken of wij voor extra kennis in de regio kunnen zorgdragen. 

Bezoek aan de Bitou10 regio

In deze regio hebben we drie scholen bezocht en een gesprek gehad met de manager van Bitou10, Sooneela Naina.

Het blijft mooi te zien hoe Formosa Primary schoolhet jaar in jaar uit voor elkaar krijgt om kwaliteit te leveren op het terrein van e-learning. De samenwerking met de Click foundation zorgt ervoor dat er mooie grafische programma’s zijn ter ondersteuning van diverse vakken, het computer lab blijft er goed uitzien en wordt de hele dag door gebruikt en het hoofd van de school heeft zijn plan in werking gezet om een extra computer lab te openen.

In dit lab staan inmiddels de 20 computers die door WCED zijn gedoneerd en hij is op zoek naar funding voor de andere 20 computers. We hebben er het volste vertrouwen in dat dit lab spoedig up and running is. Overigens hebben we de provincie in dit verband gevraagd om een extra donatie te doen, dit nu Formosa Primary echt een voorbeeldschool in de regio  is als het gaat om e-learning. Om ervaringen uit te wisselen en wellicht elkaar te kunnen bijstaan, hebben we het hoofd van Formosa Primary, de heer Colin Wildeman, in contact gebracht met Stephany Finn, de programmamanager voor e-learning bij KILT.

Ons bezoek aan Kwanokuthula Primary Schoolleverde hetzelfde -teleurstellende-beeld op als vorig jaar. De door ons gedoneerde computers zijn niet geïnstalleerd c.q. zijn niet (meer) werkend,  en ook de computers die thans gedoneerd zijn door de provincie zijn opgeslagen in een lokaal zonder dat er zicht is op de termijn waarop de leerlingen ze kunnen gaan gebruiken. Leraren en stafleden zijn ook nog niet opgeleid qua ICT-vaardigheden. We hebben onze bevindingen doorgegeven aan de provincie, temeer nu juist aan deze school extra computers door het WCED zijn geschonken.

Ons laatste bezoek betrof de school Murray High, waar de heer Zinzi Bobi sinds vorig jaar het schoolhoofd is. Hij heeft enorme uitdagingen, omdat het aantal leerlingen zodanig is dat de klassen inmiddels 60 leerlingen beslaan, terwijl uitbreiding op het huidige schoolterrein niet mogelijk is. Gegeven de uitdagingen waar deze school voor staat, is e-learning geen topprioriteit. Elk lokaal dat voor het verzorgen van het reguliere onderwijs kan worden ingezet, wordt aangegrepen. Wat ons betreft is de heer Bobi niet voor niets vorig jaar genomineerd als schoolhoofd van het jaar in deze regio. Sinds hij hier is, is het slagingspercentage van de hoogste klassen sterk omhoog gegaan (wat betekent dat er meer leerlingen naar een vervolgopleiding kunnen gaan), zijn alcohol- en druggebruik tot vrijwel nul gereduceerd, is er sprake van discipline op de school en is er een hechte band met de community. 

Een positieve persoonsgerichte aanpak is zijn belangrijkste wapen, evenals een duidelijke visie op wat er moet gebeuren, dit opgeknipt in kleine stapjes qua implementatie. We waren zeer onder de indruk van de vorderingen die hier in een jaar tijd zijn gerealiseerd. Ook zijn levensverhaal, hoe dit zijn visie op onderwijs en de rol van scholen in de community heeft beïnvloed, evenals wat hij zijn taak hierin vindt, hebben ons zeer geroerd. En we begrijpen heel goed dat we op dit moment geen toevoegde waarde hebben in deze school. Er liggen duidelijke prioriteiten op andere vlakken dan de  inzet van ICT en e-learning..

Ten slotte hebben we gesproken met Sooneela Naina. Zoals altijd een allerhartelijks weerzien. Bitou 10 worstelt vooral met een gebrek aan middelen om alle ambities te realiseren. Duidelijk wordt dat in deze regio -op een beperkt aantal scholen na- weinig ambitie bestaat om e-learning op een hoger plan te tillen.  Andere uitdagingen krijgen de voorrang, een keuze die wij hebben te respecteren.

Conclusies die we uit ons werkbezoek hebben getrokken

De afgelopen jaren hebben we een zaadje gepland door de inzet van ICT en e-learning op met name de lagere scholen te introduceren. Dit heeft geleid tot een aantal goed lopende computerlokalen waarbij gebruik wordt gemaakt van grafische programma’s (CAMMY en Reading Eggs, er is werkgelegenheid gecreëerd door de inzet een aantal onderwijsassistenten, de West Kaap provincie heeft 20 computers per school gedoneerd in de regio en in de regio rondom het stadje Knysna wordt door KILT een ambitieus e-learning programma uitgerold. Het is ons duidelijk dat alleen als de schoolleiding zelf een actieve rol speelt in de uitrol er daadwerkelijk iets tot stand kan komen en vooral dat de aandacht voor e-learning blijft bestaan. En dat blijkt maar bij een paar scholen echt het geval te zijn. Verder heeft KILT geen behoefte aan het materiaal dat wij ter beschikking kunnen stellen.

Dit maakt dat wij ons de komende periode zullen herbezinnen op onze taken en ook op het voortbestaan van onze stichting. Want het lijkt niet logisch om een derde project te gaan starten, als de provincie voor de donatie van computers zorg draagt en/of er behoefte is aan sterkere computers dan wij kunnen leveren. Conclusie van het bestuur is verder dat we een bijdrage willen blijven leveren aan de activiteiten op Formosa Primary School en Murray High, dit vooral omdat de schoolhoofden die deze scholen besturen in woord en daad uitdragen dat goed onderwijs van wezenlijk belang is voor het toekomstperspectief en de levenskwaliteit van de nieuwe generatie jongeren. Een doelstelling die naadloos aansluit op die van onze stichting. 

Geen reactie's

Geef een reactie